Op deze vermoedelijk laat achttiende-eeuwse Engelse gravure in waaiervorm werkt het gedachtegoed van Linnaeus duidelijk door. Op een overzichtelijk wijze wordt de belangrijkste botanische terminologie gepresenteerd: aan de rand verschillende bladvormen (‘heart shaped’; ‘hand shaped’ etc.) en aan de binnenkant de 24 klasssen die Linnaeus onderscheidde aan de hand van het aantal meeldraden en stampers. In het midden worden de Latijnse namen van de belangrijkste bloemonderdelen aangeduid. Op de achterkant van deze waaier staat nog een uitleg per klasse. Klasse VII bestaat bijvoorbeeld uit planten met bloemen met zeven meeldraden, een voorbeeld daarvan is de paardenkastanje (‘Horse chestnut’).